Kamp St. Lambrecht

In het bergachtige landschap van Stiermarken, Oostenrijk, ligt het benedictijner klooster van St. Lambrecht, een eeuwenoude religieuze plek die tijdens de Tweede Wereldoorlog een duistere rol kreeg toebedeeld. In 1938, kort na de Anschluss van Oostenrijk bij nazi-Duitsland, werd het klooster door de SS in beslag genomen en de monniken verdreven. Wat volgde was een ingrijpende transformatie: het klooster werd omgevormd tot een subkamp binnen het concentratiekampensysteem van de nazi’s. Het eerste kamp werd in maart 1942 ingericht als een mannenkamp, aanvankelijk als subkamp van Dachau. In november van datzelfde jaar werd het onderdeel van het Mauthausen-complex.

 

De gevangenen, voornamelijk politieke tegenstanders en buitenlandse dwangarbeiders, werden ingezet voor bosbouw, landbouw en bouwwerkzaamheden. Ze werkten onder zware omstandigheden, onder meer aan de bouw van een villa voor de SS-kampbeheerder Hubert Erhart. In het voorjaar van 1943 werd een tweede kamp ingericht, ditmaal voor vrouwen. Deze vrouwelijke gevangenen waren afkomstig uit het concentratiekamp Ravensbrück en kwamen uit Duitsland, Polen, Nederland, Oostenrijk en België. Zij werden ingezet voor huishoudelijk werk, tuinieren, landbouw en ongeschoolde arbeid voor de SS-administratie.

 

De vrouwen verbleven in het zuidelijke kloostervleugel, afgescheiden van de mannen. Hoewel het kamp relatief klein was, met een maximum van ongeveer 100 mannelijke en 24 vrouwelijke gevangenen, was het regime hard en de omstandigheden erbarmelijk. In juni 1943 werden bijna alle gevangenen, met uitzondering van een groep Spaanse politieke gevangenen, overgebracht naar Mauthausen en Gusen. Velen van hen werden kort na aankomst vermoord. Kamp St. Lambrecht is een voorbeeld van hoe het naziregime ook kleinschalige, afgelegen locaties gebruikte voor uitbuiting en vernietiging. De combinatie van religieuze architectuur en SS-terreur maakt het klooster tot een symbolisch beladen plek.

 

Vandaag de dag is er weinig fysieke herinnering aan het kamp, en de geschiedenis ervan is grotendeels onbekend gebleven, mede door de kleinschaligheid en het gebrek aan archiefmateriaal. Toch verdient St. Lambrecht een plaats in het bredere verhaal van de Holocaust en de concentratiekampen. Het toont hoe diep het nazistische systeem doordrong in de samenleving, en hoe zelfs een klooster kon worden omgevormd tot een plek van onderdrukking en lijden.

Titel: Levensverhalen laten leven

Auteur: Anita Farkas

Aantal pagina's: 344

ISBN: 978 90 70105 17 4

Druk: 2012

Uitgever: Ipenburg 

 

Dit boek gaat over een onbekend hoofdstuk uit de geschiedenis van de nazi terreur. Het nationaal-socialistische regime had in Stiermarken (Oostenrijk) een benedictijnenklooster in beslag genomen. In 1943 werd het als dependance van Ravensbrück ingericht. Het klooster behield zijn naam, maar kreeg een geheel nieuwe functie: St. Lambrecht, concentratiekamp voor vrouwen. Wegens de kleinschaligheid en de korte bestaansduur is informatie over St. Lambrecht en de andere bijkampen in Stiermarken schaars. Bronnen en archiefstukken zijn nauwelijks op deze kleine kampen gericht.